Stellingwerf Heemkunde

Heemkunde voor de basisscholen in Oost- en Weststellingwerf

Sprokien – Jaap Sikkema

Loek en Lieneke in et sprokiespark Een sprokiesachtig tenielstok in et Stellingwarfs

In dit tenielstok bin een peer sprokies verwarkt. Et sluut daoromme goed an bi’j et boek ‘Sprokies van Grimm in et Stellingwarfs’. Et oorspronkelike verhael over Loek en Lieneke is schreven deur Jaap Sikkema uut Oosterwoolde, de tenielbewarking zorgde Sietske Bloemhoff veur.

Bi’j Pake uut-van-huus – Klaas van der Weg

Et was ofpraot dat mit de schoelevekaansie twie kleinkiender, een twieling en beide jongen, bi’j Pake en Beppe uut-van-huus kommen zollen. Opgruuid in de stad wollen ze graeg naor et plattelaand uut-van-huus. De twielingen weren gien lieverties; aj’ mit ze te maeken kregen waj’ al gauw geneigd om ‘verrekkelingen’ te zeggen. Ze weren omdebi’j waelf jaor. As Pake veuruut weten hadde wat veur onheil him boven et heufd hong, dan hadde hi’j him nog wel een keer bedocht. Mar Pake kon ok niet in de toekomst kieken. ‘We konnen wel es een dreuge zommer kriegen, of een natte koolde haast,’ mar daor hul et dan ok wel mit op, en et kwam soms ok nog niet iens uut.

Halfweg juli wodde de twieling brocht. De eerste daegen gong alles best. De jongen gongen mit de buurjongen drok an ’t visken, zwemmen en deur de omgeving zwarmen. Mar doe et ni’js d’r wat of was gongen ze heur vervelen. Tegen Beppe zeden ze dat ze niet meer wussen wat ze doen zollen. ‘Dan moet Pake mar een uurtien mit jim te botienveren,’ zee Beppe. Dat Pake d’r now zo gek op was, mar hi’j dee et. Mit een roeibotien van de buurman gong hi’j de vaort uut. Pake aachterin, de jongen roeiden om de beurt. Et was lekker waarm weer, dat Pake vun et aenlik ok nog wel mooi.

Doe ze een half uurtien roeid hadden, begonnen de jongen de donderjaegen. Ze begonnen te schommelen, en hoe Pake et heur ok verbeud, ze wollen et niet laoten. Pake kwam hatstikke kwaod overaende, om de dichtst bi’j him zittende een beste oplewiebes te geven. Hi’j onderhaelde zien haand, en hoe of wat, mar in et wankele schommelende botien verleur hi’j zien evenwicht, en plompte zo in de vaort. De klompen en zien pette dreven alle kaanten op. Pake bekeek de vaort es goed van de onderkaante. Hi’j sleug mit de hanen en bienen om boven te blieven, krek een anscheuten walvis. Now was Pake wel wat wend, mar niet om in et waeter te liggen, want hi’j kon niet zwemmen. Iene van de jongen reup: ‘Pake, jow klompen!’ ‘Niks gien klompen,’ stootte Pake d’r uut. De aandere jonge raosde: ‘Pake, jow pette!’ ‘Niks gien pette,’ stootte Pake d’r nog een keer uut, want hi’j vocht veur zien hachien. Hi’j zag himzels al op ’e donkere, modderige bojem van de vaort liggen. Hi’j dee nog een peer verschrikkelike haelen in et waeter. De jongen hadden de boot intied wat bi’j him in de buurt brocht, en mit alle kracht die d’r nog in Pake was, kreeg hi’j de raand van de boot te pakken.

De jongen grepen him bi’j de aarms, de boot helde wat over deur et gewicht van Pake, en doe kon hi’j aenlik niet meer zitten, hi’j lag laankuut in de boot te poesten. Mar an zien ogen koj’ wel zien dat hi’j van binnen poerraozend was. Hi’j wol de jongen wel platslaon, mar doe kwam et beeld van de donkere bojem van de vaort him weer veur de ogen, dat hi’j bleef mar rustig. De jongen viskten de pette en de klompen weer op en doe bin ze mar weer op huus an roeid.

Pake kwam zo staorigan weer bi’j zien positieven en doe de boot weer vaaste an de wal lag, sjokte Pake naor huus, de druppende pette in de haand. Et waeter lekte uut zien broekspiepen, en et klotste in zien klompen en an de weinige nekhaoren hongen nog druppen. Hi’j wol niet meer mit de twieling praoten. Doe hi’j weer dreuge kleren an hadde, het hi’j drekt de tillefoon grepen, zien zeune beld, en zegd dat hi’j zo gauw meugelik de twieling ophaelen mos.

De bijzondere geschiedenis van Stellingwerf

Stellingwarf, zo heette ons gebied tot 1517. In dat jaar, nu net 500 jaar geleden, werd het gebied opgesplitst in Oost- en Weststellingwerf. Het hoorde toen nog maar 17 jaar bij de provincie Fryslân. Daarvoor was het vanaf 1309 een min of meer zelfstandig (boeren)repu-bliekje. En nog eerder, dus voor 1309, viel het onder Overijssel en Drenthe.

Palmpasen

Je wilt wat meer weten over Palmpasen. Dat kan!

Ik weet niet waardoor je er belangstelling voor hebt gekregen. Misschien heb je wel eens meegelopen in een palmpaasoptocht. Of misschien ga je er over een poosje aan mee doen. Het kan ook zijn, dat je een foto in de krant hebt gezien over Palmpasen.


Nou, de palmpaasoptocht werd al heel lang geleden op een heleboel plaatsen gehouden. Nu zijn er niet zoveel plaatsen meer in ons land waar dat gebeurt. Gelukkig zijn er bij ons in Oost- en Weststellingwerf een paar dorpen
waar ze nog een palmpaasoptocht houden.


Op Palmzoudag dat is de zondag voor Pasen – gaat een groep kinderen met hun palmpaas of palmpaasstok in optocht door het dorp. Meestal gaat dan her Muziekkorps voorop.
Soms zingen de kinderen speciale palmpaasliedjes.
De palmpaas is een stok met takken, papier, vlaggetjes en vruchten. Op
de stok is een broodhaantje gestoken.
Verderop in dit boekje vertellen we hoe je een palmpaas kunt maken.

Geert Gorter en de gemeente

  • Het schoolkorfbaltoernooi
  • De uitnodiging
  • De kaart van Sandra
  • De gemeente en de scholen
  • In het gemeentehuis
  • Wie is de baas
  • Het bestuur van de gemeente
  • De burgemeester
  • De ambtenaren
  • Weer terug
  • Nieuwe schoenen
  • Het geld van de gemeente
  • Onroerend goed
  • Geert blijft hopen
  • De vereniging “Plaatselijk Belang”
  • De vergadering
  • Besluit

Stuyvesant

Omstreeks 1611/1612 wordt er in bet Stellingwerfse dorpje Peperga
een jongen geboren. Deze jongen zal later vooral naam maken in
een ander deel van de wereld. Hij is de zoon van de plaatselijke
dominee en zijn vrouw. Hoe dit jongetje heet?Zijn naam is Pieter
Stuyvesant. Misschien wel de meest beroemde Stellingwerver!

Bijbehorend materiaal

Sophie Linde Bos wint de fotowedstrijd 2015

De fotowedstrijd (een initiatief van de Stellingwarver Schrieversronte) voor de kinderen van de basisscholen in de Stellingwerven wordt om de twee jaar gehouden.
De opdracht was dit keer om een kenmerkende foto te maken van een van de riviertjes, beken, kanalen of sloten, die in Stellingwerf voorkomen. In een korte tekst moesten de kinderen vertellen waarom juist voor die foto werd gekozen.

Sophie Linde Bos uit Steggerda is de winnaar geworden van deze tweejaarlijkse fotowedstrijd. De tweede prijs was voor Thijs Jager uit Oldeberkoop. De derde prijs ging naar Anita Oosting uit Oosterwolde.
Voor basisschool Buttinga uit Oosterwolde was er een eervolle vermelding.

Anita Oosting (groep 8, Buttingaschool) koos voor een mooie sfeerfoto van het bruggetje over de Boven-Kuunder bij Jardinga, terwijl Thijs Jager (groep 3, de Tjongeling) prachtige, drijvende tentakelachtige pompebladen in de Braandemeer op de foto had gezet. ‘De bladen doen me aan aliëns denken’, vertelt Thijs. De eerste prijswinnaar Sophie Bos (groep 3, Triangel, Steggerde) vertelt bij haar mooie foto van De Lende dat het huis van haar oom vlakbij het riviertje in Elsloo staat. Daarom hebben haar vader en moeder Sophie als tweede naam Linde gegeven. De jury (Lenus van der Broek en Sietske Bloemhoff) vonden een eervolle vermelding voor groep 8 van de Buttingaschool uit Oosterwolde ook verdiend voor het insturen van een prachtige serie foto’s in en om Oosterwolde. De winnende foto’s zullen binnenkort worden gepubliceerd in het Stellingwerfs tijdschrift De Ovend.

Het mysterieuze monument

Basisschool De Toekan heeft een film gemaakt over een monument van meester Noordhof, die van 1848 tot 1871 onderwijzer was in Oosterwolde.

Artikel uit de Ovend over deze meester Noordhof

Veen en turf bij Appelscha

In ‘De hoolten klinte’ in Appelscha was maandagmiddag 16 november 2015 de start van het onderwijsproject ‘Veen en turf bij Appelscha’ voor de groepen 6, 7 en 8 van basisschool De Riemsloot. Na een korte introductie van verhalenvertelster Baukje Koolhaas werd door Jan de Vries uit Wolvega een korte film uit 1910 vertoond. Gedurende de film zijn authentieke beelden te zien van met name het steken van turf in een hoogveengebied. Daarna vertelde o.m. de heer Posthumus uit Appelscha over zijn ervaringen als turfgraver in de 50-er jaren van de vorige eeuw. Baukje Koolhaas vertelde aansluitend een verhaal over het leven van Jacob en Japke, die rond 1890 opgroeiden in een vervenersgezin.
De opvolgende twee weken gingen de leerlingen aan de slag met het thema, voor lesmateriaal verzorgd door o.a. de Stellingwarver Schrieversronte. Ook wordt een fietstocht gemaakt langs plekken in en om Appelscha die aan de tijd van de vervening herinneren. Voor informatie onderweg wordt gezorgd door leden van de Historische Vereniging van Appelscha.

Bekijk hier de lesbrief  “Het bruine goud – Et brune goold” over de geschiedenis van de veenwinning in Appelscha en omgeving.

« Oudere berichten

© 2019 Stellingwerf Heemkunde

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑